Vasculair risico management

 

U bent bij de praktijkondersteuner (POH) geweest, omdat er bij u een verhoogd risico op hart- en vaatziekten is vastgesteld.

Hier kunt u hierover informatie vinden en kunt u lezen welke zorg u kunt verwachten van de diverse hulpverleners.

VASCULAIR RISICO MANAGEMENT (VRM)

Hart- en vaatziekten zijn de belangrijkste oorzaak van sterfte in Nederland en in de Westerse wereld. Vasculair Risicomanagement is het opsporen en behandelen van risicofactoren voor het krijgen van hart- en vaatziekten. U moet hierbij niet alleen denken aan het behandelen van hoge bloeddruk of een verhoogd cholesterol, maar onder andere ook aan het geven van adviezen over gezonde voeding en voldoende bewegen. Hiermee kan het risico op hart- en vaatziekten aanzienlijk verminderd worden.

RISICOFACTOREN

De belangrijkste risicofactoren voor het krijgen van hart- en vaatziekten:

  • roken
  • ongezonde voeding
  • hoge bloeddruk
  • overmatig alcoholgebruik
  • verhoogde bloedsuiker
  • lichamelijke inactiviteit
  • hoog cholesterolgehalte
  • overgewicht
  • gevorderde leeftijd
  • grote buikomvang
  • geslacht
  • psychosociale factoren/stress
  • verminderde nierfunctie
  • het voorkomen van hart- en vaatziekten in de familie

HUISARTS EN PRAKTIJKONDERSTEUNER

De praktijkondersteuner, uw vaste aanspreekpunt, bepaalt aan de hand van de hierboven genoemde risicofactoren wat uw risico is op het krijgen of verergeren van hart- en vaatziekten. Bij een verhoogd risico beslist u als patiënt samen met de huisarts of praktijkondersteuner door welke maatregelen uw risico het best verlaagd kan worden en worden er doelen gesteld. Deze doelen worden opgenomen in een individueel zorgplan (IZP). Als het hierbij nodig is om medicijnen te geven dan gebeurt dit in overleg met de huisarts. Zo nodig krijgt u een afspraak op het spreekuur van de huisarts.

UW EIGEN ROL

U heeft met uw praktijkondersteuner doelen gesteld, zodat uw risico op het krijgen of verergeren van hart- en vaatziekten verlaagd kan worden. Dat betekent veelal het veranderen van leefgewoonten, wat veel van u vraagt, zoals het anders omgaan met voedingsgewoonten en het zorgen voor meer lichaamsbeweging. Uw praktijkondersteuner is hierbij uw coach en adviseur, maar de inzet van u zelf is uitermate belangrijk voor het bereiken van het gewenste resultaat. Dat betekent dat u, nadat u samen met de praktijkondersteuner uw individueel zorgplan heeft opgesteld, zelf verantwoordelijkheid neemt voor de uitvoering ervan. U neemt zelf besluiten en zoekt zelf naar oplossingen voor problemen. Overleg met de praktijkondersteuner of huisarts mag altijd.

Handleiding digitaal logboek

FYSIOTHERAPEUT

Bij de praktijkondersteuner wordt uw mate van bewegen in kaart gebracht. Zo nodig kan de huisarts u verwijzen naar de fysiotherapeut voor een beweegprogramma met als doel een betere conditie.

DIËTIST

Het behalen van een gezond gewicht kan een probleem zijn. In die gevallen kan de diëtist u begeleiden om uw voeding aan te passen.

CARDIOLOOG / INTERNIST

Als de behandeling onvoldoende resultaat heeft, kan de huisarts advies vragen aan de cardioloog of internist. In bepaalde situaties is een verwijzing naar de specialist nodig.

Bloedonderzoek / ECG / 24-uurs bloeddrukmeting.
Eénmaal per jaar wordt u opgeroepen voor bloedonderzoek. Zo wordt nagegaan of de behandeling resultaat heeft. Ter aanvulling kan een ECG (hartfilmpje) of een 24-uurs bloeddrukmeting worden gedaan. Deze onderzoeken vinden, indien mogelijk, plaats in de huisartspraktijk. De uitslag wordt altijd met u besproken. In sommige situaties wordt u verwezen voor onderzoek. Dat kan in het ziekenhuis of via andere mogelijkheden.

LINK

www.hartstichting.nl